Een brand, cyberaanval of plotselinge blokkade bij een leverancier kan een ondernemer in korte tijd voor een lastige keuze zetten. De klant verwacht levering volgens afspraak, terwijl de ondernemer weet dat nakoming buiten zijn macht ligt. Een force majeure clausule, in het Nederlands een overmachtsclausule, bepaalt dan welke gebeurtenissen als overmacht gelden en wat partijen daarna mogen doen.
Zo'n clausule betekent niet dat iedere tegenvaller automatisch onder overmacht valt. Een opdracht die alleen duurder, lastiger of minder winstgevend wordt, is meestal onvoldoende. De wettelijke regeling en de precieze contracttekst bepalen samen of een beroep slaagt.
Inhoudsopgave
- Wanneer een ondernemer ineens buiten zijn schuld niet kan leveren
- Wat de wet zegt over overmacht in Nederland
- De vier elementen van een sterke force majeure clausule
- Wat een geslaagd beroep op overmacht juridisch oplevert
- Praktijkvoorbeelden van overmacht die houvast geven
- Valkuilen in clausules die vaak misgaan
- Checklist voor een sluitende clausule per type contract
- Slim afsluiten en wanneer je juridische hulp inschakelt
Wanneer een ondernemer ineens buiten zijn schuld niet kan leveren
Een meubelmaker uit Utrecht heeft drie eettafels op maat beloofd aan een horecaclient. Twee weken voor de oplevering breekt brand uit in zijn werkplaats. Twee tafels zijn beschadigd, het hout is verloren gegaan en belangrijke machines werken niet meer. De klant houdt vast aan de afspraak en eist levering of schadevergoeding.
De meubelmaker begrijpt daar weinig van. Hij heeft zorgvuldig gewerkt, heeft de brand niet veroorzaakt en kan de tafels niet op tijd opnieuw maken. Toch is zijn gevoel van onrechtvaardigheid juridisch niet genoeg. De vraag is of de gebeurtenis volgens de wet of het contract aan hem kan worden toegerekend en of nakoming werkelijk onmogelijk is geworden.
Daar komt een force majeure clausule in beeld. De clausule vertaalt het begrip overmacht naar de afspraken tussen partijen. Ze kan bijvoorbeeld vastleggen dat brand, oorlog, overstroming, overheidsmaatregelen of bepaalde verstoringen bij leveranciers onder de regeling vallen. Ook kan ze bepalen of de verplichting tijdelijk wordt opgeschort, wanneer overleg moet plaatsvinden en wanneer beëindiging mogelijk wordt.
Praktische regel: pech alleen is geen overmacht. De ondernemer moet kunnen uitleggen welke gebeurtenis de prestatie verhindert, waarom die gebeurtenis buiten zijn risicosfeer valt en welke stappen zijn gezet om de gevolgen te beperken.
Zonder eigen clausule blijft de wettelijke regeling van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek het vertrekpunt. Een contractuele bepaling schept dus niet altijd een volledig nieuw juridisch systeem. Ze kan de wettelijke default-regel wel verfijnen, uitbreiden, beperken of concreter maken. Juist dat laatste is voor zzp'ers en mkb'ers belangrijk, omdat een algemeen woord als ‘overmacht' weinig duidelijkheid geeft over concrete situaties.
Wat de wet zegt over overmacht in Nederland
In Nederland wordt force majeure juridisch aangeduid als overmacht. De kern staat in artikel 6:75 BW. Een tekortkoming kan niet aan de schuldenaar worden toegerekend als zij niet door zijn schuld is veroorzaakt en ook niet op grond van de wet, een rechtshandeling of de verkeersopvattingen voor zijn rekening komt. De wettelijke regeling geldt automatisch voor contracten wanneer partijen geen afwijkende afspraak hebben gemaakt, zoals ook wordt uitgelegd door de KVK over overmacht zonder eigen contractuele regeling.
De ondernemer moet in de praktijk vooral drie vragen beantwoorden:
- Was de oorzaak niet aan de ondernemer toe te rekenen? Een tekort aan voorbereiding, een verkeerde planning of een probleem dat binnen de normale bedrijfsvoering valt, kan tegen hem werken.
- Is nakoming werkelijk verhinderd? De prestatie moet feitelijk of praktisch onmogelijk zijn geworden. Alleen hogere kosten of extra moeite zijn doorgaans niet genoeg.
- Bestaat er een verband tussen de gebeurtenis en de tekortkoming? De externe gebeurtenis moet de reden zijn waarom de afgesproken prestatie niet of niet tijdig kan plaatsvinden.
Een force majeure clausule kan deze toets nader inkleuren. Partijen kunnen bijvoorbeeld concrete gebeurtenissen benoemen, een meldingsprocedure afspreken en bepalen welke gevolgen gelden bij gedeeltelijke onmogelijkheid. De formulering blijft doorslaggevend. Voor ondernemingen die veel contracten beheren, kan software voor juridische processen helpen om bepalingen, meldingen en dossiers georganiseerd te volgen.
Overmacht en onvoorziene omstandigheden naast elkaar
Overmacht en onvoorziene omstandigheden worden vaak door elkaar gehaald. Artikel 6:75 BW ziet op een tekortkoming die niet aan de schuldenaar kan worden toegerekend. Artikel 6:258 BW biedt een afzonderlijke route wanneer gewijzigde omstandigheden instandhouding van de overeenkomst naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet mag worden verwacht. Nakoming hoeft dan niet onmogelijk te zijn, maar de contractuele balans kan ernstig zijn verstoord.
| Aspect | Overmacht, art. 6:75 BW | Onvoorziene omstandigheden, art. 6:258 BW |
|---|---|---|
| Kernvraag | Kan de ondernemer de prestatie door een niet-toerekenbare oorzaak niet uitvoeren? | Is ongewijzigde instandhouding van het contract onredelijk geworden? |
| Nakoming | Vaak feitelijk of praktisch onmogelijk | Kan nog mogelijk zijn |
| Juridische functie | Bescherming tegen toerekening en schadevergoeding | Wijziging of ontbinding van de overeenkomst |
| Beoordeling | Oorzaak, causaliteit en risicosfeer | Omstandigheden, contractverdeling en redelijkheid |
Een zorgvuldig contract maakt duidelijk welk spoor van toepassing is. De wettelijke basis is belangrijk, maar een eigen force majeure clausule bepaalt vaak hoe partijen de risico's vooraf verdelen.
De vier elementen van een sterke force majeure clausule
Een clausule werkt pas goed als de tekst niet alleen gebeurtenissen opsomt, maar ook beschrijft wat partijen daarna moeten doen. Vier onderdelen verdienen bijzondere aandacht.
Een herkenbare omschrijving van gebeurtenissen
Begin met concrete voorbeelden. Denk aan brand, explosie, oorlog, oproer, embargo, overstroming, storm, een overheidsmaatregel, stakingen, een cyberaanval of een ernstige verstoring bij een toeleverancier. Een limitatieve lijst, waarbij alleen de genoemde gebeurtenissen meetellen, kan te beperkt uitpakken. Een restcategorie zoals ‘andere buitengewone omstandigheden buiten de redelijke controle van partijen' geeft ruimte, maar moet voldoende worden uitgelegd om niet betekenisloos te worden.
Een ondernemer doet er goed aan onderscheid te maken tussen gebeurtenissen die de eigen bedrijfsvoering raken en gebeurtenissen in de keten. Een leverancier die niet levert, leidt niet automatisch tot overmacht. De contracttekst moet aangeven wanneer een probleem bij een leverancier wordt meegenomen en welke inspanningen de ondernemer eerst moet verrichten.
Het rechtsgevolg van de gebeurtenis
De clausule moet zeggen wat er gebeurt zodra de situatie onder force majeure valt. Mogelijkheden zijn gehele opschorting, gedeeltelijke opschorting, een vervangende prestatie, overleg over een nieuwe planning of beëindiging na een bepaalde duur. Zonder die regeling blijft discussie bestaan over de vraag of alleen de leverdatum verschuift of dat de hele overeenkomst eindigt.
Ook een heroverwegingsmoment helpt. Dat kan gekoppeld worden aan het voortduren van de hinder, zonder dat een algemene termijn automatisch voor iedere overeenkomst geschikt is. De wettelijke en contractuele gevolgen moeten naast elkaar worden gelezen.
Melding en informatie
Een ondernemer die zich op overmacht wil beroepen, moet de wederpartij snel en schriftelijk informeren. De clausule kan een concrete termijn bevatten, bijvoorbeeld vijf werkdagen, zoals in het voorbeeld hieronder. De melding moet niet alleen de gebeurtenis noemen, maar ook uitleggen welke verplichting wordt geraakt, welke gevolgen worden verwacht en welke maatregelen worden genomen.
Een korte melding zonder bewijs kan onvoldoende zijn. Foto's, verklaringen van een brandonderzoeker, berichten van een leverancier, overheidsbesluiten en een aangepaste planning kunnen later aantonen wat er werkelijk gebeurde.
Bewijs, overleg en schade
Leg vast wie informatie moet verstrekken en hoe partijen over een oplossing overleggen. Denk ook aan gedeeltelijke prestaties, verdeling van beschikbare voorraad en de vraag welke schade wel of niet voor vergoeding in aanmerking komt. Een uitsluiting van schadevergoeding moet duidelijk worden geformuleerd, zodat partijen niet pas tijdens een conflict discussiëren over directe, indirecte of gevolgschade.
Een voorbeeld van een basisformulering luidt:
“Onder force majeure wordt verstaan elke omstandigheid buiten de redelijke controle van partijen waardoor nakoming geheel of gedeeltelijk onmogelijk wordt, waaronder in elk geval brand, explosie, oorlog, oproer, embargo, storm, overstroming, overheidsmaatregel, staking, cyberaanval en een ernstige verstoring bij een toeleverancier. De getroffen partij stelt de wederpartij binnen vijf werkdagen schriftelijk op de hoogte en verstrekt op verzoek informatie over de oorzaak, de verwachte duur en de genomen maatregelen.”
Deze tekst is een vertrekpunt, geen universeel inzetbare standaard. De juiste formulering hangt af van de prestatie, de onderhandelingspositie en de risico's in de keten.
Wat een geslaagd beroep op overmacht juridisch oplevert
Een geslaagd beroep op overmacht heeft een afgebakend gevolg. De schuldenaar hoeft in beginsel geen schadevergoeding te betalen voor de niet-toerekenbare tekortkoming en kan tijdens de overmachtsperiode niet zonder meer tot nakoming worden gedwongen. De wederpartij kan vaak wel haar eigen prestatie opschorten of de overeenkomst ontbinden zonder schadeplichtig te worden, afhankelijk van de omstandigheden en de contracttekst.
Opschorting betekent dat een verplichting tijdelijk niet wordt uitgevoerd. Ontbinding beëindigt de overeenkomst voor de toekomst, waarbij al verrichte prestaties soms moeten worden teruggedraaid. Overmacht zelf leidt dus niet automatisch tot iedere vorm van beëindiging. De regeling in het contract en het toepasselijke wettelijke kader bepalen welke stap mogelijk is.
| Aspect | Geslaagd beroep | Afgewezen beroep |
|---|---|---|
| Schadevergoeding | In beginsel geen schadevergoeding voor de niet-toerekenbare tekortkoming | De ondernemer kan aansprakelijk blijven voor schade |
| Nakoming | Tijdelijke opschorting of een andere contractuele oplossing kan volgen | De ondernemer moet mogelijk alsnog leveren |
| Boete | Een boete kan niet zonder meer worden opgeëist als de tekortkoming onder de geldige clausule valt | Een contractuele boete kan verschuldigd blijven |
| Overeenkomst | Ontbinding of aanpassing kan onder omstandigheden aan de orde zijn | De oorspronkelijke verplichtingen blijven in beginsel gelden |
| Bewijs | De schuldenaar moet de gebeurtenis, causaliteit en niet-toerekenbaarheid onderbouwen | Een onvoldoende onderbouwd beroep beschermt niet |
Bij afwijzing kan de tekortkoming worden beoordeeld binnen het kader van artikel 6:74 BW. De ondernemer loopt dan risico op nakoming, schadevergoeding en verdere contractuele gevolgen. Wie meer wil weten over de positie na een conflict, kan de uitleg over contractbreuk en mogelijke vervolgstappen raadplegen.
Praktijkvoorbeelden van overmacht die houvast geven
Een bouwbedrijf in Friesland werkt aan een project waarvoor langdurige vorst en overstroming de bouwplaats ontoegankelijk maken. De overeenkomst bevat een concrete verwijzing naar extreme weersomstandigheden, beschrijft wanneer werkzaamheden worden opgeschort en verplicht het bedrijf om de opdrachtgever schriftelijk te informeren. Het bouwbedrijf legt vast dat de locatie niet veilig toegankelijk is, welke werkzaamheden stilliggen en welke planning voorlopig wordt aangepast.
In deze casus is een beroep sterker omdat de gebeurtenis herkenbaar in de clausule staat en de ondernemer het verband met de vertraging kan aantonen. Als de contracttekst tijdelijke opschorting toestaat, kan het uitstel gerechtvaardigd zijn. Een schadevergoeding wegens de periode waarin de overeengekomen prestatie door de beschreven overmacht niet kan plaatsvinden, ligt dan niet vanzelfsprekend voor de hand.

Een tweede situatie betreft een groothandel die tijdens de coronacrisis te maken krijgt met gesloten grenzen en wegvallende Chinese toelevering. De clausule noemt geen pandemie, geen overheidsbeperkingen en geen verstoring van de toeleveringsketen. Het beroep op overmacht kan dan deels stranden, vooral als de tekst alleen klassieke gebeurtenissen noemt en niet duidelijk maakt dat ketenproblemen onder de afspraak vallen.
Een betere formulering had niet simpelweg het woord ‘pandemie' toegevoegd. De clausule had ook moeten bepalen wanneer een probleem bij een leverancier wordt toegerekend, welke alternatieve bronnen moeten worden onderzocht, hoe snel melding moet worden gedaan en wat gebeurt bij gedeeltelijke levering. De rechter kijkt uiteindelijk naar de tekst, de feitelijke oorzaak en de omstandigheden. Een ondernemer kan dus niet volstaan met een algemene verwijzing naar een crisis.
Valkuilen in clausules die vaak misgaan
Een clausule lijkt soms sterk omdat ze veel gebeurtenissen noemt. Toch ontstaan de grootste problemen vaak door wat de tekst niet regelt.
Een te open lijst
‘Iedere onvoorziene omstandigheid' geeft weinig houvast zonder uitleg. De wederpartij kan betogen dat een gebeurtenis binnen het normale ondernemersrisico valt. Een concrete lijst met een zorgvuldig geformuleerde restcategorie maakt de bedoeling duidelijker.
Geen meldingsplicht
Als de clausule geen termijn voor melding bevat, kan de wederpartij pas laat ontdekken waarom een levering uitblijft. Een afgesproken termijn, bijvoorbeeld vijf werkdagen, maakt de procedure voorspelbaar. De melding hoort schriftelijk te zijn en de gevolgen concreet te beschrijven.
Geen verschil tussen tijdelijk en blijvend
Een korte storing vraagt een andere oplossing dan een blijvende vernietiging van productiemiddelen. De clausule moet daarom opschorting, herplanning, gedeeltelijke uitvoering en beëindiging afzonderlijk behandelen.

Een onduidelijke schadebeperking
Een bepaling over indirecte schade kan discussie oproepen als het contract niet uitlegt wat daaronder valt. Benoem categorieën en sluit aan op de concrete samenwerking, bijvoorbeeld gemiste omzet, productieverlies of kosten van een vervangende leverancier.
Geen plan voor hervatting
Een clausule moet niet eindigen bij de constatering dat overmacht bestaat. Leg vast hoe partijen de levering hervatten, hoe schaarse voorraad wordt verdeeld en wanneer opnieuw overleg plaatsvindt. Zo voorkomt de tekst dat tijdelijke bescherming verandert in langdurige onzekerheid.
Checklist voor een sluitende clausule per type contract
Een force majeure clausule hoort bij het contract en het risicoprofiel. Een bepaling voor een particuliere opdracht ziet er anders uit dan een regeling voor productie, bouw of logistiek.
Particuliere overeenkomst
Bij een eenvoudige overeenkomst kan een korte clausule voldoende zijn, zolang de tekst begrijpelijk blijft. Controleer of de bepaling ernstige gebeurtenissen zoals brand, extreme weersomstandigheden of een plotselinge ziekenhuisopname behandelt. Kijk ook of de verplichting tijdelijk wordt opgeschort en hoe partijen daarna een nieuwe datum bepalen.
Voor een zzp'er
Een zelfstandige die diensten of producten levert, doet er verstandig aan de volgende vragen te beantwoorden:
- Risico's: Welke gebeurtenissen kunnen de uitvoering daadwerkelijk verhinderen?
- Melding: Binnen welke termijn moet schriftelijk worden gewaarschuwd, bijvoorbeeld binnen vijf tot veertien dagen?
- Duur: Wat gebeurt er als de hinder langer voortduurt dan partijen aanvankelijk verwachten?
- Alternatief: Mag een andere datum, medewerker of leverancier worden voorgesteld?
De zzp'er moet voorkomen dat een clausule alleen zijn eigen belangen beschermt. Een redelijke informatie- en overlegplicht maakt de afspraak beter verdedigbaar.
Voor het MKB
Complexe contracten vragen meer detail. Leg kettingwerking bij toeleveranciers vast, bepaal of gedeeltelijke levering mogelijk is en regel zowel opschorting als ontbinding. Neem harde communicatieverplichtingen op voor de onderneming, leveranciers en afnemers. In bouw, logistiek en productie verdient ook de verdeling van herstelkosten, voorraad en transportcapaciteit aparte aandacht.
Slim afsluiten en wanneer je juridische hulp inschakelt
Een ondernemer die de belangrijkste lessen toepast, houdt drie punten over. Ten eerste is een force majeure clausule geen simpele herhaling van artikel 6:75 BW, maar een instrument om de wettelijke regeling praktisch te verfijnen. Ten tweede bepaalt de omschrijving van de gebeurtenissen mede of een beroep aansluit op het contract. Ten derde kan een tijdige schriftelijke melding het verschil maken tussen een ordelijk overleg en een discussie over een te laat ingeroepen beding.
Bij standaardcontracten kan een heldere clausule met een passende checklist voldoende houvast geven. Een juridisch adviseur verdient eerder aandacht wanneer de contractwaarde hoog is, de samenwerking langlopend is of internationale toeleveranciers een belangrijke rol spelen. Dat geldt ook bij twijfel over cyberaanvallen, pandemieën, grondstoftekorten, overheidsmaatregelen of de vraag of een leverancierstekort binnen de afgesproken risicosfeer valt.
Wanneer extra controle verstandig is
Laat de tekst controleren voordat een conflict ontstaat als de overeenkomst een grote financiële verplichting bevat, meerdere partijen in de keten raakt of geen duidelijke regeling voor gedeeltelijke uitvoering kent. De adviseur kan ook beoordelen of de clausule de wettelijke regeling verruimt of juist beperkt, en of de meldings-, bewijs- en overlegplichten uitvoerbaar zijn.

Legal1 helpt particulieren, zzp'ers en mkb-ondernemers met het beoordelen en opstellen van contractuele afspraken, waaronder een force majeure clausule. Bezoek Legal1 voor een laagdrempelig eerste advies en praktische juridische ondersteuning bij twijfel over overmacht, levering, schade of ontbinding.



